In de praktijk…

Hier volgen beschrijvingen van lessen met de opbouw van receptie-productie-reflectie, die studenten van de Pabo hebben gegeven in de praktijk. De vragen die de leerkracht stelt bij het bespreken van het kunstwerk zijn sturend voor de betekenisgeving, maar ook voor de beelden die de kinderen zelf produceren. Het is gebleken dat de leerkracht vooral betekenisgeving kan stimuleren door in de receptiefase te vragen naar beeldaspecten (dus over kleur, vorm, compositie) in combinatie met filosofische vragen; moet alles evenveel aandacht krijgen op het schilderij? Waarom zoveel vormen? (Elzerman, 2014).

Er zijn meer soorten vragen die de leerkracht kan stellen. De drie vragen van de Visual Thinking Stategy: ‘wat gebeurt er ?’ ‘waaraan zie je dat?’ en ‘wat kunnen we nog meer ontdekken?’ (Yenowine, 2013), stimuleren dat kinderen goed gaan kijken, betekenis geven en daarvoor ‘bewijs’ leveren. Ook vragen die gekoppeld zijn aan de vijf fasen die Parsons onderscheidt; vragen naar associaties, naar wat er wordt afgebeeld, naar emoties, naar vorm of stijl en vragen naar de eigen mening, kunnen door de leerkracht worden gesteld (Parsons, 1987). Er is nog niet veel bekend over de invloed van die vragen op de producties van de kinderen.

Daarom verzamelen we hier zoveel mogelijk ervaringen in de praktijk. Wat heeft de leerkracht gevraagd en wat maakten de kinderen? Van systematisch onderzoek kan nog geen sprake zijn, maar we kunnen wel zoveel mogelijk kennis delen.

Elzerman, Hester Betekenisgeving in beeldend onderwijs, kennisbank http://inholland.surfsharekit.nl:8080/get/smpid:50167/DS1

Parsons, Micheal (1987) How we understand art, Cambridge: Cambridge University Press

 Yenawine, Philip (2013), Visual Thinking Strategies. Using art to deepen learning across school disciplines, Cambridge: Harvard Education Press

Feest van Jan Sluijters , Babette Poncin

Jan Sluijters Bal Tabarin

 

 

  Receptie
De kinderen hebben geconcentreerd naar de afbeelding
van het schilderij gekeken. Wat valt je op? Wat zal de schilder
bedoeld hebben met het schilderij?

 

 

 

 

  Productie
Ik deel vellen papier uit waar alleen de onderkant van het
schilderij op afgebeeld staat. De kinderen mogen zelf de bovenkant
maken met pastelkrijt en potlood.

 

 

Resultaten schilderijles Babette Poncin

  Reflectie

De kinderen wisten veel te vertellen. Zij probeerden het licht weer te geven of tekenden er
dansende figuren bij.

De kat en de vogel, Nina Merx

picassocorneilleReceptie

De twee schilderijen eerst afzonderlijk bekijken.

Wat zien jullie?

Wat vinden jullie?

 

Ik laat beide schilderijen nu tegelijk zien. De leerlingen hebben een blaadje voor zich waar ze op gaan schrijven wat het verschil is tussen de twee schilderijen. (ik zet de klok op 5 min) Vervolgens leggen alle kinderen hun potlood op de hoek van de tafel.Ik ga samen met de leerlingen de verschillen tussen de schilderijen die ze hebben opgeschreven bespreken.

 Reflectie

Ik vraag aan de leerlingen hoe een kat er eng uit kan komen te zien (welke kenmerken) hier maken we een woordweb van.

Productie

De leerlingen maken een kat die er gemeen en eng uit ziet

Reflectie

De leerlingen waren allemaal betrokken bij het beschouwen van de schilderijen. De leerlingen waren erg enthousiast, iedereen wilde graag vertellen wat ze ervan vonden en wat ze zagen. De leerlingen begrepen de vervolg opdracht. Doordat we van te voren kenmerken besproken hebben van een enge griezelkat wist elke leerling hoe hij/zij zo’n kat kon gaan tekenen.

De dichter op het feest der dieren Amber van den Bosch

dichter op het feest der dierenReceptie

De ‘Visual Thinking Strategy’- vragen:

wat gebeurt er op dit schilderij?

waaraan zie je dat?

 wat kunnen we nog meer ontdekken?

Productie 

De kinderen zoeken een dier in een dansende houding op het schilderij uit en gaan in dezelfde houding staan.

De kinderen zien houdingen van figuren in beweging.

De kinderen volgen de lijnen van de dansende houdingen met hun ogen en met hun vinger in de lucht.

De kinderen tekenen de houdingen na; eerst in een oefenschets, daarna in een mooi uitgewerkte tekening.

 

Reflectie

“Ik ben op de antwoorden van de kinderen ingegaan en heb daar op doorgevraagd.

Het dierenfeest 2

Het dierenfeest